Hoe gebruik je de trainingen

Hoe gebruik je de trainingen

Borstcrawl trainingen schema's triatleten open water sneller zwemmen beter worden oefeningen techniek techniekoefeningen

Om het optimale rendement uit de trainingen te halen hebben we een aantal richtlijnen opgesteld die handig zijn bij het uitvoeren van de training. Hieronder bespreken we wat de belangrijkste elementen uit onze trainingen zijn, hoe je ze moet lezen en welke aanpassingen handig zijn voor het geval je minder tijd hebt.

Training kiezen

Je ontvangt elke zondag vier trainingen, zodat jij je week in kan delen. De trainingen zijn als volgt verdeelt:

  • 2X een A training: Dit zijn de belangrijkste trainingen van de week
  • 1X een B training: Deze training is belangrijk, maar als je maar twee keer zwemt kies dan de A trainingen.
  • 1X een C training: Vaak een herstel of extra techniek training. Als je vier keer per week zwem, dan kun je deze in je programma toevoegen.

Omdat wij niet met je meekijken met hoe jouw week er uit ziet, is het belangrijk om zelf keuzes te maken welke training je op welk moment doet. De A-trainingen zijn vaak de trainingen die wat zwaarder en wat langer zijn. Dit zijn de trainingen waar gedurende het seizoen de techniek qua omvang wat zal teruglopen, maar die qua totaal aantal meters langer zullen worden. Plan deze trainingen op momenten in de week waarin dit past met andere trainingen. Van deze trainingen zul je meer moe worden dan van de B of C trainingen.

De B trainingen bevatten vaak een groot stuk techniek en alle extra meters zullen gerelateerd zijn aan de techniek. De intensiteit van deze training is bijna nooit hoog, maar de omvang kan af en toe wat langer zijn. Deze trainingen kun je eigenlijk op elk moment in de week doen, maar omdat techniek belangrijk is is het wel verstandig om het op een moment te doen dat je nog niet zo vermoeid bent.

De C trainingen bevatten vooraal techniek en rustig zwemmen. Daarnaast zitten hier vaak kernen in die we erg belangrijk vinden, maar niet belangrijk genoeg om kostbare tijd van de A of B trainingen mee te vullen. Hier zullen we bijvoorbeeld aan de slag gaan met onder water zwemmen (een belangrijke vaardigheid om je zeker te voelen in het water) en maken we wat vaker een uitstapje naar een andere slag (je wordt echt een betere zwemmer van het zwemmen van rugcrawl en vlinderslag). Deze trainingen kun je op elk moment in de week doen, omdat de belasting laag is.

Lezen van de training

Het is verstandig om van tevoren het geluidsbestand bij onze trainingen te beluisteren. Hierin leggen we de bedoeling van de training uit. Het gaat niet om het precies uitvoeren van de opdrachten, maar het gaat vooral om begrijpen waarom een opdracht is zoals hij is. Jij bent namelijk zelf in het zwembad en moet zelf de keuzes maken om je training aan te passen. Bekijk daarom ook de filmpjes bij de oefeningen. Wij benoemen de belangrijke punten en het doel, jij moet in het zwembad hiermee aan de slag.

Onze trainingen zijn opgebouwd uit verschillende kernen. Elke kern heeft zijn eigen doelstelling met daarbij een aantal opdrachten. De doelstelling staat altijd boven de kern benoemd. Een voorbeeld doelstelling is: Doel van de kern is om de hoofdhouding te verbeteren zodat de neus naar de bodem wijst. De gehele kern zal in het teken staan van deze doelstelling.

In het eerste stukje op de pagina van de kern staat vervolgens uitgelegd hoe je deze kern het best kan uitvoeren. Er is een richtlijn gegeven van hoe je de kern het best kan zwemmen. Lees deze voor de training, want in de pdf is dit weggelaten. Wel benoemen we in de kern nog de accentpunten.

Een opdracht bestaat uit verschillende componenten. Er staat bijvoorbeeld: 3X4X100 Meter, per 4X100 meter opbouwen van rustig naar snel. Dat betekent:

  • Je zwemt 4X100 Meter, elke 100 meter een beetje sneller.
  • Dat doe je drie keer.

Vaak staat er een opdracht zoals 4X100 meter met daarachter: 50 benen + 50 borstcrawl, de eerste 2X zijn de benen op de buik, armen voor de tweede 2X zijn de benen op de rug armen achter. Je voert hem dan als volgt uit:

  • 2X (50 borstcrawlbenen op de buik + 50 borstcrawl)
  • 2X (50 rugcrawlbenen + 50 rugcrawl)

Materiaal

Het gebruik van materialen is een ontzettend goed hulpmiddel om je slag te verbeteren. Het is alleen aan jou om er verstandig mee om te gaan. Als jij de bedoeling van een kern goed begrijpt en je vindt dat een bepaald hulpmiddel daar voor jou niet aan bijdraagt, dan is het verstandig om het aan te passen.

We gebruiken de volgende materialen in een training:

  • Pull-bouy (Pb)
  • Snorkel (S)
  • Paddles (Pa)
  • Plankje (Pl)
  • Zoomers (Z)
  • Band voor om je benen (bijvoorbeeld een oude binnenband) (B)

Bij elke kern staat aangegeven welke materialen je gebruikt. Daarnaast kun je soms nog kiezen tussen een aantal materialen.

Leer vandaag nog sneller zwemmen

Meld je nu aan en begin nog vandaag met het verbeteren van je borstcrawl. Je krijgt gelijk toegang tot de schema’s, filmpjes en podcasts van deze week!